De Taal Der Liefde: Uit eten gaan in Nederland


De inmiddels notoire kredietcrisis laat haar impact ook stevig gelden in de kwaliteit van de menu’s in restaurants. Laatst heb ik mij in een Surinaams restaurant aan de Ceintuurbaan te Amsterdam tegoed gedaan aan een lading bruin gekleurde rijstkorrels die voor Surinaamse nassi zou moeten doorgaan. De smaak zou je eerder voeren naar het culinaire recept van een ziekenhuis , afdeling geriatrisch dieet, dan naar de authentieke culinaire recepten van Suriname. Het voordeel ervan was dat de eigen lage dunk ten aanzien van mijn eigen kookkunst (= ei bakken en water koken voor de thee) ten opzichte van deze met werkzame stompjes bereide maaltijd op de koers-indexladder in voornaamheid begon te stijgen. Als de diepgevroren kippenbouten uit Europa, Amerika en Brazilië in grote containerschepen aankomen, lijkt alles nog in orde. Ze worden overgeladen in koelhuizen in afwachting van het transport naar de groothandel. Als de kippenbouten de haven verlaten, nemen de problemen alleen maar toe. De tussenhandelaars hebben vaak nog gebrekkigere vriesinstallaties en in de kleine winkels of op de markt liggen de kippenbouten vaak onbeschermd uitgestald. Dat is onhygiënisch en de kans wordt wel erg groot dat het vlees ontdooit voordat het wordt verkocht. Onverkochte bouten gaan ’s avonds terug in de diepvriezer om de volgende dag opnieuw te worden aangeboden.

Met de landen alwaar het vlees vandaan komt is het ook niet erg best gesteld omdat de verrotting daar reeds haar intrede doet om vervolgens onderweg naar Europa en onderweg naar de kleinhandelaren verder te gedijen. De middenstanders hebben er geen erg in om hun klanten de monden laten krom trekken door hen gefrituurd halfverrot vlees te offreren. Klachten worden vaak afgedaan met het cliché: ‘maar meneer, ik heb hier nog nooit iemand over horen klagen en ik oewwerk hier al zoolaang’. Soms slingert men ook aan je hoofd: ‘ja, maar de Nederlanders denken er anders over’. Hier hebben zij wel gelijk in omdat Nederlanders als levensfilosofie hanteren:’Vies is lekker’. Een exotisch bereide ontbonden kippenbout zal niet kunnen opwegen tegen een gebefte kut. Je zou kunnen denken dat de middenstanders er hun voordeel bij zouden kunnen doen door met betere koelinstallaties te werken, maar niets is minder waar.

De voedselverzorging in een instelling of bedrijf is een stuk ingewikkelder dan thuis een maaltijd bereiden. Handelingen zoals opslag, bereiding en transport van maaltijden vergroten het risico op een voedselbesmetting. De overheid stelt weliswaar hoge eisen aan de hygiëne bij voedselbereiding en alles wat daarmee te maken heeft, bedrijven voelen zich slechts in theorie genoodzaakt tot een structurele aanpak van de voedselveiligheid.

Onder de keukenmachines tref je vuil en vleesafval aan, net zoals wanneer je thuis een vaatwasmachine of wasmachine zou verplaatsen. Aan het keukengerei zitten schimmels en worden vlees en groente even gespoeld in de wasbak waarin men gorgelt, spuugt, snuit, etc. Men neemt het niet zo nauw met de reinheid van het eigen lichaam. Tijdens de bereiding van het eten vallen er haartjes in en dan te bedenken dat het haar weken niet met een sprankje water in aanraking is geweest. Tussen de nagels zitten er huidresten en kleine haartjes, die zijn ontstaan tijdens het al dan niet openlijke kontkrabben en pulkeren in de neus- en oorgaten.

Reacties

Schrijf een reactie


Let op. Het e-mailadres is niet verplicht maar hou er rekening mee dat deze wel gepubliceerd.

Login/Register access is temporary disabled