Het relaas van een zichzelf reddend slachtoffer


Een thema dat niet kon ontsnappen aan de op de sensatie beluste Nederlandse pers en media was het suicide-drama onder, in het bijzonder, Hindoestaanse meisjes, woonachtig in Den Haag. De werkelijke toedracht van de feiten die debet waren aan zulk een radicale ingreep bleef hangen in het open spectrum van de persoonlijke speculatie, waardoor men op oorzaken kwam die varieerden van complex /abstract tot zeer platvloers, zoals:
• verboden liefde
• stress/uitzichtloosheid
• verstoorde ouder-kind relatie
• huiselijke onenigheid
• uitgaansverbod
• onvoldoende beltegoed
• beperking De ene goog na de andere loog stortte zich op deze materie en onthulde verscheidene theorieën. Niet zelden werd door Nederlandse alles-heel-goed-snappers het deviante, voortvloeiende uit het cultuureigene, als hoofdargument gebruikt voor deze tragische gebeurtenissen, zonder daarbij aan te geven wat het merkbare verschil zou zijn tussen de suicide onder Hollanders en onder die van allochtonen. Zelfs geestelijke verzorgers /ontzorgers , waaronder de pandits begonnen zich ermee te bemoeien. Het oeverloze post-academisch gekissebis resulteerde tenslotte in een toename van de werkgelegenheid onder autochtone therapeuten, die zich als zielenknijpers voor deze weer- en uitzichtlozen opwierpen.

Ondergetekende heeft een interview afgenomen met een jonge dame die zich met eigen kracht uit een diep dal op de idyllische vlakte trok en voor zichzelf een weg baande naar de toekomst. Hieronder volgt haar relaas:

Vandana, 19 jaar oud, woonachtig te Rotterdam en eerstejaars student communicatiemanagement aan de Hogeschool te Utrecht. Op haar vierde begon zij aan zwemles en bleek op den duur dusdanig gevorderd te zijn dat zij zelfs deel zou kunnen nemen aan al dan niet goudgerelateerde zwemwedstrijden. Als hobby heeft ze vroeger veel gedanst en stevig uitgaan behoorden daarbij tot een onafwendbaar noodzakelijk amusement. Haar kinderperiode verliep niet zonder problemen omdat ze reeds op zeer jonge leeftijd geconfronteerd werd met huiselijk geweld waarbij zij als kind van zeven jaar tussenbeiden moest komen om de kijvende partijen tot orde te roepen en de geschillen bij te leggen. Deze assertiviteit werpt voor Vandana later vruchten af omdat zij haar eigen situatie onder controle krijgt. Zij heeft een tweelingbroer die in tegenstelling tot haar minder onder de indruk schijnt te zijn van de gebeurtenissen in en rondom het gezin.

De ouders stonden niet altijd open voor communicatie om bijvoorbeeld problemen te bepraten, terwijl Vandana zelf er steeds behoefte aan had over bepaalde problemen te praten. Deze non-verbale communicatie had later tot gevolg dat Vandana op haar tiende al gedurende vier jaar seksueel misbruikt bleek te zijn door een tot familielid verheven man die normaliter in Suriname woonachtig was maar bij tijd en wijle in Nederland vertoefde. Hoewel de ouders merkten dat er bij haar iets niet in de haak was, namen ze haar nooit in de armen om te vragen of er iets met haar aan de hand was. Zij bleef alles in zich verkroppen in plaats van die aan de grote klok te kunnen hangen. Vandana bleef zich beijveren om haar problemen te maskeren door zo normaal en gewoon mogelijk over te komen. Bovendien had de dader haar middels intimidatie het zwijgen opgelegd.

Als de dader na deze periode weer naar Suriname afreist, ontstaat er voor Vandana een periode van bezinning en verwerking. Zij probeert haar gemaltraiteerde leven opnieuw in te richten door haar schoolloopbaan in ieder geval onder controle te houden. Zij doorloopt na het basisonderwijs de havo, die in totaal vijf jaar zou moeten duren. Verder deed zij overal aan mee waarmee een dynamische jeugd op een zinvolle manier invulling geeft aan zijn/haar bestaan.

Als zij de leeftijd van 16 bereikt heeft, komt de dader weer naar Nederland en vergrijpt zich wederom aan haar. Zij wordt in een busje meegesleurd en op een afgelegen plek verkracht.

Hoewel zij er psychisch en fysiek zwaar onder leed, wat niet zelden gepaard ging met een reeks beperkingen, bleef zij zich braaf en onverstoorbaar houden. Voor haar eindexamen havo zakte zij jammer genoeg tweemaal, omdat zij zich overal alleen doorheen moest wurmen. Desalniettemin verbrak zij een keer de stilte door de gebeurtenis aan haar moeder te vertellen. Zij merkte dat zowel de moeder als de vader er niet erg open voor stonden haar relaas aan te horen terwijl beiden wel degelijk wisten dat er met hun dochter iets niet helemaal in orde was. Zij schenen ook nog te weten wat het probleem van hun dochter was. Echter: wanneer Vandana haar verhaal tegenover de ouders uit eigen beweging echt opbiechtte, reageerden beiden in plaats van geschokt en aangeslagen er nogal onverschillig op. Ze gaven er blijk van niet te kunnen geloven dat hun dochter iets dergelijks daadwerkelijk kon overkomen. Enig mededogen, begrip, zelfs een knuffel zat er voor haar niet in. De instelling van de ouders behelsde dat het kwaad inmiddels toch was geschied waardoor “ it was no use crying over spilt milk.” en zij adviseerden haar in therapie te gaan, zodat zij zich over haar eigen leed heen kon zetten.

Hoewel zij daadwerkelijk in therapie is gegaan, bleek al gauw dat de therapeuten, wellicht niet in psychiatrische zin maar wel in cognitieve zin, zelf een flinke dosis therapie nodig hadden. Te denken valt aan een mogelijke vorm van kennis over ontwikkelingstherapie.

Vandana voelde zich achtergelaten, onbegrepen én in de steek gelaten terwijl haar ouders zelf doorgingen met de herinrichting en perfectionering van hun leven. Dit had een vergroting van de kloof tussen haar en haar ouders tot gevolg.

Hoewel er een aangifte bij de politie van was gedaan, bleek dat de vereiste onderzoeksbereidheid bij de politie boven de blauwe pet en uiteraard boven de grijze grauwe massa onder deze pet uitsteeg. De politie begon zich te verweren middels het gebruik van allerlei zieltogende en van weinig ontwikkeling en inzicht getuigende verbale kronkeldraaierijen, van perfide verdachtmakingen etc. om tot slot niets voor haar te hoeven ondernemen. Het kwam erop neer dat zij alle verkrachtingen volgens de politie zelf uitgelokt zou hebben, om deze vervolgens uit te buiten. De dader voelde zich daardoor alleen maar gesterkt en verkrachtte Vandana wederom op haar achttiende. Deze laatste verkrachting moge voor de vader aanleiding zijn een boze blik te werpen in de richting van de dader, Vandana voelt zich hierdoor een één en al gebroken en gestraft mens.

Haar studie wordt later voor haar een leidraad om haar eigen situatie geheel op eigen houtje te kunnen analyseren en te synthetiseren. Vandana stort zich ook op autodidactische wijze op een schrijftherapie en schrijft zoveel als mogelijk alles van zich af. Zij stelt dat haar eigen kwaliteiten bij vele lotgenoten ontbreken waardoor die mogelijk suicide als enige uitweg zien. Zij vindt deze oplossing zeer menselijk en daardoor begrijpelijk. Zij beaamt dat mensen qua intelligentie van elkaar verschillen en dat een ieder op emotionele momenten eigen beslissingen neemt. Bij de één kan de beslissing heel wijs vallen, bij de andere tragisch. Zijzelf heeft puur geluk gehad door zichzelf op het rechte pad te kunnen handhaven en niet ten onder te gaan aan haar kommer en kwel.

Tot slot volgen hieronder enkele Profielen van verkrachters zoals die in de literatuur worden weergegeven:
Bij verkrachters blijken negatieve emoties zoals woede en vijandigheid vooraf te gaan aan seksuele agressie. Uit onderzoeken blijkt dat mannen, die een hun bekende vrouw hebben verkracht, vaak vertellen dat de directe aanleiding voor hun agressie was dat die vrouw hen kwaad gemaakt had door hem te minachten, bespotten, af te wijzen of in de steek te laten. De mannen ervoeren de afwijzing als een krenking van hun mannelijke ego en namen wraak op haar. Maar ook andere gemoedstoestanden spelen een rol.

Verkrachters die in herhaling vallen, herinneren zich dat zij zich vaak eenzaam, gedeprimeerd of waardeloos voelen in de uren voorafgaand aan de verkrachting op grond van tegenslag, spanningen of onvrede. Niet zelden gaan ze in zo’n stemming doelloos rondrijden in hun auto, gebruiken alcohol als extra ontremmer, creëren een situatie waarin ze contact leggen met een vrouw en slaan toe als ze hun kans schoon zien. Negatieve levenservaringen in de vroege jeugd veroorzaken chronische gedrags- en belevingsproblemen die de kans op latere seksuele agressie verhogen. De slechte kwaliteit van opvoeding, zoals te pas en te onpas straffen, strenge straffen bij afwezigheid van liefde, geweld in het gezin, gebrek aan stabiliteit in de relaties met de verzorgenden (vader en moeder) door verlating, langdurig verblijf in opvoedingsinstituten in de kindertijd en kindermishandeling, vormen de voedingsbodem voor het plegen van (seksueel) geweld. Mannen gebruiken dan seksualiteit als een manier om het hoofd te bieden aan emotionele problemen en levensproblemen.

Deze seksuele activiteit geeft slechts tijdelijke bevrediging en kan daarom leiden tot gewelddadige seksualiteit.

Een tweede mogelijkheid die tot seksueel geweld leidt kan ontstaan uit gebrek aan intimiteit en de emotionele eenzaamheid, waarbij de man zijn boosheid en wraakgevoelens projecteert op vrouwen. Dit doet hij dan als hij meent dat zij de oorzaak zijn van het niet vervuld worden van zijn behoeften.

Rabin Gangadin

Reacties

      Schrijf een reactie


      Let op. Het e-mailadres is niet verplicht maar hou er rekening mee dat deze wel gepubliceerd.

      Register New Account
      Wachtwoord opnieuw instellen